Huiselijk geweld
Onder huiselijk geweld vallen alle vormen van geweld en mishandeling in de privésfeer. Dus fysieke of psychische mishandeling door een partner, ouder of kind, verwaarlozing, het schenden van rechten en seksueel misbruik van kinderen. Huiselijk geweld staat hoog op de agenda van het Veiligheidshuis. Daarom wordt de aanpak in een speciaal casusoverleg besproken.
Casusoverleg Huiselijk Geweld

Dit casusoverleg richt zich op hulp voor slachtoffers, kinderen én op de pleger van het huiselijk geweld. In eerste instantie bieden we hulpverlening aan, maar soms is er ook sprake van een strafrechtelijke vervolging. Doel van het overleg is te zorgen dat het geweld stopt. Daar werken Maatschappelijk werk, Openbaar Ministerie, politie, Reclassering Nederland, Bureau Jeugdzorg, Reinier van Arkel, Kairos, Slachtofferhulp en Stichting MEE samen aan.
We kunnen niemand dwingen hulp te aanvaarden. Maar als mensen niet mee willen werken en er kinderen bij betrokken zijn, is het mogelijk dat een kind uiteindelijk uit huis wordt geplaatst. Vroeger was huiselijk geweld vooral een privéaangelegenheid. Pas op het moment dat een slachtoffer daadwerkelijk aangifte deed of voor hulp aanklopte, konden de ketenpartners iets doen.
Tegenwoordig is huiselijk geweld een publieke zaak. Als bekend is dat in een huishouden huiselijk geweld speelt, kunnen én mogen politie, justitie en kinderbescherming zich daar mee bemoeien. Zo kan een buurvrouw bij een vermoeden van huiselijk geweld dit bij de politie melden.


