Auti Power Girls - Saar cijfert zich niet meer weg
Aangemaakt op: 11-03-2026Laatste wijziging op: 11-03-2026 14:00:50
Saar Havekes heeft autisme én vrienden. Die combinatie was lange tijd niet vanzelfsprekend. Ze bloeit op in de Auti Power Girls Club, opgericht door haar moeder Iris.
Vastlopen in bestaande clubs
Saar (16) sport graag, maar die belangstelling werd in het verleden keer op keer de kop ingedrukt. Moeder Iris zag haar dochter vaak verdrietig thuiskomen, of het nu was na een hockeytraining of een bijeenkomst van de scouting. “Ik denk anders,” vat Saar haar autisme samen. “Ik kan erg blij worden van een vlinder en heel boos worden om iets kleins. Op de clubs waar ik zat, snapten ze dat niet.” Het leidde tot buitensluiten, uitlachen en pesten. “Ik lag vaak in bed te huilen.”
Als aanpassen niet meer lukt
Op de basisschool ging het nog redelijk, vertelt haar moeder Iris. “Meiden met autisme slagen er vaak jarenlang in om sociaal wenselijk gedrag te vertonen. In de puberteit lukt dat alsmaar moeilijker en dan gaat het mis.” Ziedaar het bestaansrecht van de Auti Power Girls Club. Meiden tussen 12 en 19 jaar met autisme zijn er welkom. Het idee kwam van ’S-PORT, dat al iets soortgelijks op touw had gezet. Of Iris het
Waardevolle momenten
En aansprekender werd het. Met financiële steun van ’S-PORT, Brabant Sport en Samen Gezond zette Iris de schouders onder de Auti Power Girls Club. Inmiddels doen er tientallen meiden mee. Ze doen bijvoorbeeld aan kickboksen, boulderen (klimmen tegen een muur), doen spelletjes, picknicken met zelfgemaakte hapjes en houden workshops schilderen en fotografie. Waarmee duidelijk wordt dat het geen sportclub is en dat de activiteiten niet het doel zijn. “Het gaat om de waardevolle sociale momenten die we hiermee creëren,” aldus Iris. “Waarbij sport en verbinding vaste ingrediënten zijn.”
Groei
Het begon allemaal met een clinic kickboksen van tien lessen. Behalve een kickbokstrainer is een autisme-expert ook standaard aanwezig op de trainingen. Het initiatief sloeg aan en Iris begon promotie te maken. “Ik werd actief op de socials, maakte advertenties, stuurde mailings naar scholen en benaderde zorgverleners. Mond-tot-mondreclame deed de rest. Een jaar na de start hebben we al meer dan veertig meiden bereikt met onze club.” De groei is er nog lang niet uit, want Iris zit vol plannen. “Paardrijden, yoga, dansen – er zijn nog heel veel meer activiteiten mogelijk.”
Een verschil maken
En dan is er ook nog het idee om de club in andere steden in Brabant op te zetten. “Zoals Saar en de andere meiden hier opbloeien, dat gun je natuurlijk ook andere meiden. Want we maken echt een verschil in hun levens. We zien dat meiden door onze activiteiten meer zelfvertrouwen krijgen en minder last hebben van eenzaamheid. Ze leren hoe het is om deel uit te maken van een groep, iets wat voor hen niet vanzelfsprekend is.”
Niet raar
Saar is vanzelfsprekend nog altijd een meisje met autisme, maar is wel degelijk veranderd. “In het begin durfde ik niks te zeggen, maar nu vragen ze me weleens of ik alsjeblieft even mijn mond wil houden.” Wat ze ook nog kwijt wil: “Autisme is niet raar. We zijn misschien eerder afgeleid door wat er om ons heen gebeurt, maar we kunnen net als ieder ander mooie gesprekken voeren.”
En ja, ook tijdens bijeenkomsten van de club is er wel eens sprake van overprikkeling of een andere uiting van autisme. “Dan moet er iemand huilen of wordt er iemand boos. Het overkomt mij ook wel eens. Ik heb geleerd om dan even een stap opzij te zetten en er over te praten. Wat ik in ieder geval niet meer doe, is mezelf wegcijferen.”